Uncategorized

Geen onvertogen woord

Ineens waren ze er weer. Drie ieniemienie slakken in kleine garnalenvingers en even later op een oude plastic plank op tafel met een groeiende belangstelling van de andere nieuwsgierige aagjes. Wat zijn ze daar voor interessants aan het doen.

foto van Berna van der Linden.

De slakken die zich eerst een tijd koest hielden, waagden zich quasi  nonchalant aan de wandel. Zodra er een zich over de rand van de plank liet glijden, klonk er een opgewonden kreet: Hij valt…!!! Nee lieverds, kijk goed. Slakken zijn zo handig, ze glijden en plakken, daarom kunnen ze zelfs tegen het plafond wandelen zonder naar beneden te vallen. Voor we het konden voorkomen, trokken twee vingers de slak die het dichtst bij de geslaagde escape-route was, weer terug in het circuit. Hij kromp samen, herstelde zich heldhaftig, stak de kop vier omhoog en gleed als de koningin weer richting rand. Echte doorzetters, dat zeker.

Om af te leiden vroeg ik hen of ze wisten dat slakken echte kunstenaars waren en fantastisch konden tekenen. Mijn duo keek me vragend aan. Een zwart blad eronder en er volgt een prachtig lijnenspel van hun slakkenspoor. Een van de kinderen rende weg en kwam terug met een zwart geworden berkenblad. Dat werkte niet, begreep hij al snel. Om hem tegemoet te komen, legde de duo binnen twee grote kartonnen vellen aan elkaar, slakken verhuizen en daar vervolgden ze hun eigen weg. Ze trokken hun glinsterend spoor en er werd wat groen blad bijgehaald, dat weer versnipperd werd. Een tafel waar iedereen omheen stond te juichen bij elke opeenvolgende overwinning of aanvulling met pissebed, worm en spin.

foto van Berna van der Linden.

Wij hadden takken verzameld voor een monsterskelet. 206 botten in een mensenlijf, monsters kunnen er veel minder hebben of meer, meer vel, meer vet, grotere monden, enorme tanden, haar, ogen als schoteltjes.

Ik met denken aan de eigen monsters van vroeger. Dat was de reus uit Jan met de Bonenstaak en Blauwbaard met zijn gruwelkamer. De kobold van Rozerood, die maar heen en weer sprong, net als Repelsteeltje en boze schoonmoeders uit Sneeuwwitje en Assepoester, de kwade fee uit Doornroosje. Later kwam daar Eucalypta bij, met haar krasstem. Ze rolden uit de dikke boeken van Grimm en Andersen, ze toverden er lustig op los of roken mensenvlees op kilometers afstand. Ze griezelden mijn kindertijd bij elkaar en deelden mijn dromen, soms te angstig, soms te heftig, maar altijd rijker dan mijn reële voorstellingsvermogen. Adembenemend was de bende van de Zwarte hand, die door de hele kindertijd heen een kat en muisspel speelden en waar ik kinderlijke ongemak uit de realiteit doorheen vlocht.

267

De monsters van nu hebben fluorescerende kleuren, zijn kleine of grote bollen pluis of slijmerige kleefpasta’s, grappig, gek, maar bijna altijd van veel geschreeuw en weinig wol. Opmerkelijk geruststellend. Het lied van de monsterdans uit het grote prentenboekenliedjesboek sluit af met nog zo’n dankbare constatering. Alle maxi-en minimonsters verdwijnen als sneeuw voor de zon, als je op het knopje van het licht drukt. Alle magie van de wereld en een machtige vinger, die het pleit beslecht. Dat is de wereld van het kind.

Het skelet  komt er. Zij puzzelen de botten op een plek, ik knoop ze aan elkaar. Harige Harry is niet meer dan een rammelend skelet van takken in aluminiumfolie, de angst minimaliseert mee. De kunst van het griezelen is de beheersbaarheid door die vingertop op de knop. Daarmee bestaat gelukzaligheid eveneens in alle toonaarden. Met de Iphone in de aanslag leg ik alles vast, het griezelig genieten en het optimale ontdekken. Er valt geen onvertogen woord.

Advertisements
Uncategorized

Zo alleen

Nieuws sijpelt tussen de wachtende rijen auto’s door en wordt door het  nutteloze wachten omgezet in hoofdbrekers. Al meer dan een week lopen we, fietsen we, verdwijnen we in het voetspoor van de lieve druilerige Anne. Al die keren dat ik alleen een fietstocht maakte, komen boven drijven. De plaatsen die genoemd worden zijn bekend gebied. Vroeger bromden we van Utrecht naar Amersfoort over dit soort fietspaden, waar nog geen onderscheid gemaakt werd tussen snelheidsduivels en die benentrappers. Ik reed onbevangen van A naar B en geen moment zag ik beren op de weg. Zelfs niet bij het gebied van de Willem Arntz. Een brommer is in vlucht veel sneller.

Ooit zat manlief in dit huis van de verwarring, toen de stemmen in zijn hoofd boven het leven van alledag uitstegen en om onmogelijke opdrachten vroegen. In zijn wanen zocht hij moordenaars van kleine lieve onschuldige kinderen die geen vlieg kwaad hadden gedaan. Zijn woede en wanhoop dreven hem tot een getergd ijsberen en rammelen met kettingen en knotsen. Het grote oer ging los. Hij overleefde zijn eigen chaos op den duur niet. De omgeving waar we hem opzochten was troosteloos en prachtig tegelijk.

Fietsen door het bos op een zomerdag, gefilterd licht , het sprookje van lang geleden. Kabouters en elfen, feeërieke sfeer en liedjes in het hoofd: ‘Zeg Roodkapje, waar ga je henen, zo alleen, zo alleen….’Die vrijdagmiddag en avond regende het dat het goot. Bossen zijn dan een groot schimmenland met achter elke boom een wolf. Ze huilde met de regen mee op een laatste selfie. ‘Ik ben niet bang voor de wilde dieren…..ik ben niet bang, ik ben niet bang… Haar lichaamstaal sprak andere woorden’.

foto van Berna van der Linden.

Dansen op het herfstmos, goudgele tooi, een waaier van kleur. De zomer heeft haar groene muren neergehaald en uit haar herfstpalet de mooiste tinten dooreen laten vloeien, blad aan de boom en op de grond, bes aan de struik, hier en daar nog een verlate bloei, maar in de stromende regen met de vallende avond zijn het weer die muren, zwart en ondoorgrondelijk. Wolf ligt op de loer. Waar is die veilige grootmoeder, het rode kapje, het dartelende blije gebleven.  De fietstocht bleek een brug te ver. Roodkapje spatte uiteen in een jas, een rugzak, een fiets met draaiende wielen.

Roodkapje

Lange rijen mensen die nauwgezet elke boom, elke struik, elke verandering in de omgeving signaleren en onderzoeken. Speuren naar sporen met honderd vragen in het hoofd en angstige verwachtingen bij alle tekenen van de geschatte route, die duiden naarmate de dagen vorderen. Losse puzzelstukken vormen een beeld. Iemand zei het niet te begrijpen, al die aandacht voor één, terwijl er zoveel vermisten zijn. Het is niet meer dan terecht, dit gevecht. Dit is de roep om Vrijheid voor ieder van ons, om te kunnen gaan en staan waar je wilt, zonder wolven, beren, leeuwen. Een zorgeloze fietstocht, waarbij een bui geen tranendal wordt, maar een doldwaze Gene Kelly-achtige regendans, frank en vrij. ‘I am singing in the rain’.

De donkere wolken boven het hoofd van die lieve Anne waren niet meer weg te lachen. Ze kleurden dieper en dieper zwart en sloten haar in. Er bleek geen weg terug. Een fietstocht werd een sprookje met een verkeerde afloop. Roodkapje met wolven op haar pad, zonder jager en geen keuze meer. Het hart huilt bij al het nieuws dat, tijdens die lange rijen wachtenden, iedere dag binnen sijpelt. In het hoofd zaagt het lied met de seconde mijn hoop onderuit: ‘Zeg Roodkapje, waar ga je henen, zo alleen…zo alleen’.

 

Uncategorized

Domweg gelukkig

Er zijn van die dagen, die van toevalstreffers aan elkaar hangen. Gisteren was een zondagse geluksdag, een goed geslaagde, die niet meer stuk kon. Het was een perfect idee om een aantal zondagenochtenden deel te nemen aan de weekendcursus van de Haarlemse kunstacademie. Niets maakt een begin van de dag zo goed om, als het huis nog in diepe sluimer gehuld is, de deur achter je dicht te trekken en door de heerlijk geurende verstilde straten naar de auto te wandelen. De snelweg er naar toe, met de schapen en koeien die allengs meer uit hun nachtelijke versluiering opduiken en het gloren van de dag aan de horizon, brengt stille mijmer, die er mag zijn omdat het verkeer nog maar een fractie is van het doordeweekse gewoel.

003

Bij de tekenles springen we de ruimte in. Op grote vellen vangen we fabriekshallen, zeegezichten en straatbeeld met oog voor het perspectief. Regelmatig loopt het van de bladzij af of ontstaat er een bijna surrealistische vervreemding, omdat het lastig is om de vertaling van klein naar immens groot te maken. Maar het is spannend en we zijn zoekend. Iedereen ziet het anders. Dat maakt het nog boeiender. Ik ben te voorzichtig. Teken nog niet echt, schets meer, maar gisteren kwam het een beetje los. Heerlijk, om met een onontgonnen gebied bezig te zijn. Tekenen is zo heel anders dan schilderen.

004  025

Haarlem vraagt om strand Bloemendaal, daar ben je in een kwartier en is het heerlijk uitwaaien. Aan het begin werd ik enthousiast toe gekrast door grote zwarte kraai op het strandbord. Ze ging even zitten voor de foto, verschikte denkbeeldige kreukels in haar verenpracht en krakauwde me na, toen ik mijn weg vervolgde. Het miezerde wat, zo’n kleine speldenkoppen douche in het gezicht en op de bril. Het was der heerlijk en ik ving meeuwen met mijn toestel in hun vlucht. Opeens zag ik haar staan. Meeuw had zeester verschalkt en stond er mee te pronken in haar bek. Af en toe sloeg ze het arme dier een paar keer tegen de grond. Triomfantelijk keek ze naar me. Soms stapte ze statig voort, de kop hoger geheven omdat haar maal om ruimte vroeg. Mijn hele leven lang heb ik nog nooit een meeuw een zeester zien verorberen. Het was een gelukzalige dag.

029

Terug naar het Utrechtse, waar de dreigende lucht onderweg steeds openbrak en weer verdichte en toch besloot ik naar de tuin af  te reizen. De grond was te drassig om te maaien of te bewerken, maar de najaarszon had zich door het dek heen gewurmd en scheen aanlokkelijk op mijn bank onder de vruchtbomen, die moed aan het verzamelen waren om de winter het hoofd te bieden. Kleine dappere roos toonde haar knoppen, die zouden het nog kunnen redden met een warme week. De volmaakte stilte, het geurde herfst in alle poriën van grond, struik, boom en plant en de late namiddagzon precies op die ene plek was voldoende om alle impressies van de dag in te lijsten en op te slaan. Het zijn die zeldzame momenten van klein geluk, waar rijkdom binnenvalt en koestert. ‘Toeval bestaat niet’ fluistert het door de windstille tuin. Om met J.C> Bloem te spreken, ‘domweg gelukkig’.  Alles wat nodig is om het volmaakt te maken.

foto van Berna van der Linden.

 

Uncategorized

Tussen de regels door zit goud

In Oirschot is een cultureel centrum, dat de Enck heet. Zodra je het Brabantse platteland per millimeter bent doorgereden, de trek over de snelweg van Utrecht naar iets voorbij den Bosch duurt net zo lang, hobbel je eerst het dorpje Best voorbij en daarna kom je in Oirschot, met een deftige klank door de oi.

Het regent dat het giet, zei men vroeger om aan te duiden dat het hemelwater meer dan rijkelijk naar beneden stroomde. De weg er naar toe was al een duikpartij geweest in buien die zich praktisch aaneenregen tot een grote waterlinie. Hink-stapsprong over de plassen heen, even nog uit praktisch oogpunt de AH in en daarna naar het theaterrestaurant. Het was een goed geoutilleerd gebouw. De Bibliotheek was aan de overkant, zoals het een echt Cultuurhuis betaamt en daar waren nog wat losse kaarten in de verkoop. Zuslief had ze ze via internet besteld.

We waren in afwachting want we kenden de cabaretier niet echt. Twee dames stonden in een strenge outfit, met oortjes in en een klein microfoontje langszij, iedereen nauwlettend gade te slaan. We waren ruim op tijd, hingen de jassen over een stoel gingen zitten en een zus haalde koffie. Men was in Oirschot een avond uit, dat kon je zien. Ik hield mijn lapje, de grijze poncho, om. Echt warm was het er niet. De kleinste van de twee dames stapte op ons af. De jassen mochten echt niet mee naar binnen, die moesten bij de garderobe afgegeven, ‘Dames, mijnheer’. Daarmee had ze haar observatiekunde verbruid. Mijn zus droeg weliswaar een geruit overhemd en had kort haar, maar in de verste verte zag ze er niet ‘meneerderig’ uit. De afgemeten toon en de onvriendelijke benadering waren met deze blunder een feit. Tussen ons en deze dame zou het niet meer goed komen.

Mijland

Ondertussen gingen we naar de kern van haar verzoek. Was dat vanwege een brandweermaatregel of een volle zaal? Achteraf gezien dacht ik het laatste want Yvo Mijland merkte op dat dit de eerste keer was dat de zaal was uitverkocht. Vriendelijk om  souplesse vragen is een gave. De voorstelling zelf was zeer gemêleerd. Er werden waardevolle onderwerpen aangesneden. Hij toonde aan hoe divers wij zijn als mensen en hoe makkelijk we tot een meningsvorming te manipuleren zijn, hoe snel we  iedereen onze wil op willen leggen en niet snel geneigd zijn om het issue van alle kanten te bekijken. Het kind van de rekening is te allen tijde het kind dat niet gehoord wordt, zich niet gezien voelt en geen betekenis krijgt.

Latrodectus variolus, Back 2013-06-07-18.30.40 ZS PMax (9005967621).jpg

Hij roerde precaire onderwerpen aan, zoals de belevingswereld van het kind, die zo heel erg kan verschillen van de onze. Daarbij schuwde hij niet om banale voorbeelden te nemen. Zijn zoon riep tijdens een stoeipartij: ‘Pas op Papa, of ik spuit met sperma’. Met afgrijzen had hij de verschrikkelijkste scenario’s bedacht waardoor zoonlief tot dergelijke opmerkingen had kunnen komen, maar hij had de uitdrukking opgedaan tijdens een biologieles over de Zwarte Weduwe te gaan, de spin die haar mannetje op eet na paring. Zo onschuldig werkt dat in een kinderbrein, terwijl wij in een fractie van een seconde alle doem afroepen over té wijsneuzerige vrienden, vieze oude mannetjes en andere gevaren, waar kinderen aan blootgesteld worden. De essentie is wezenlijk. Onze wereld en die van het kind liggen soms mijlen ver uit elkaar, omdat onze beleving versluierd is met de bagage van jaren en niet meer puur en ontvankelijk zoals bij het kind.

De voorstelling wisselde in hoog tempo af met de Brabantse gemoedelijkheid, bijvoorbeeld de polonaise tijdens carnaval, het doorsnee volksvermaak zoals de voetbal-Oranje gekte en een zweem van platte humor, maar ondertussen kwam wel alles aan bod dat genoeg stof tot nadenken gaf.

Terug in de auto zaten we achter een lang snoer van Brabantse trekkers, waardoor de rit naar huis in tijd steeds verder weg kwam te liggen. We hebben het gehaald. Klokslag twaalf uur stak in de sleutel in het slot. Je moet er wat voor over hebben, maar dan heb je ook wat. Alleen die oortjes en die outfit in dergelijke strenge afgemetenheid,  daar valt nog wel wat aan te verhapstukken. Ga er heen, oordeel niet, maar verwonder je en luister goed. Tussen de regels door zit goud.

 

Uncategorized

Tijdreis in vrije val

Gisteren nam ik, na een enerverende week, een duik in het verleden. Niets frist zo op als een bad memorabele momenten. De uitnodiging was er een uit een nooit overgegaan stuk geschiedenis. Elke mooie samenwerking wordt verleden tijd op het moment dat het achter je ligt. Banden, ooit gesmeed in die woelige dagen door strijd en behoud, liefde en doorzettingsvermogen, angst en wilskracht, vermoeidheid en het pure, behouden geloof in de visie smeedden sterke ligamenten, waar diepe genegenheid voor het leven houvast kreeg.

Herinneringen stromen binnen, terwijl we in de warme rode kamer aan het kouten zijn en anekdotes kabbelen er door heen. ‘Weet je nog, die keer’ en daar gaan we weer. Geen moment van stilte, maar een niet aflatende stroom mooie momenten. De vraag naar gemeenschappelijke bekende of minder bekende vrienden en kennissen levert stof op voor meer dan er ruimte is. Waar zijn alle mensen naar toe uitgewaaierd, wat beweegt hen, zijn de roots er nog, lopen de kinderen in de voetsporen van de ouders. Hoe is hun eigen weg gegaan.

scannen0175

Als dan het zonnetje binnenkomt huppelen, ben ik in het Griftpark met zoonlief die jarig is en een goede vriendin en vriend. Zoonlief wordt vijf. Klein, tanig, gebruind koppie, eindeloos aandachtig spelen ze samen met de modderstromen die langzaam hun weg zoeken naar beneden bij de fontein, glijbanen op, hele hoge, ik kijk niet, maar vang hun beweging in de camera als ze uit de stalen buis zoeven. Geschater op de grote schommel waar met gemak plaats is voor drie in een uit de kluiten gewassen autoband. Vervaarlijk helt de bovenrand over. Ik kijk niet, maar vang hun gespannen pretogen in de lens, dat in juichen uit een spat als het de andere kant op helt.

scannen0170

Natuurlijk is er picknick bij, het kleed op de grond, de kinderhand die smult van de verhalen en zich laat vullen met wat chips en limonade. Een topdag was het, die onbevangen kinderlijke uitgelatenheid, herinneringen in beelden op het netvlies en met foto’s aan elkaar geregen. Ze zijn alle drie uitgewaaierd, ieder een eigen weg en dromen hun toekomst .

Een ander moment als dat zonnetje afscheid neemt van haar kleuterperiode, dat moeizame moment van loslaten en ik dat kleine pakje krijg, waar een kettinkje in zit. Er hangt een allerliefste zilveren aap aan, die zich aan zijn staart ontrolt recht mijn hart in. Jaren heb ik het gekoesterd en alleen afgedaan bij optredens, totdat ik het daar, tot mijn onuitsprekelijke verdriet, verloor. Een nieuwe aap kwam, in de herhaling,  die met het leven bewaakt wordt.

015

Herinnering is meer dan aandenken, de foto’s in de fotobak, de beelden in het hoofd. Het zijn verhalen. Ze hebben zich opgestapeld en verzameld in de blauwe spelonken van het brein en wanneer een klein accent wordt aangehaald, schiet het beeld achter de ogen vol met eerst nog gebroken vegen, maar later puzzelstukken, die naadloos in elkaar passen en dan het totaalbeeld. Reizen in de tijd, vertrouwd, zo zelfs dat ik doorschiet naar de Amandelstraat, de stapelbedden en het opklapbed, die ene kachel en later Boerebooms automatiek, omdat het zonnetje naast zijn huis daar op kamers blijkt te zitten. Haar kleine voetstappen vallen in mijn grotere in de Adelaarstraat en het Willem van Noortplein, haar grotere in mijn oudere in dat Griftpark van weleer en we wandelen nog een poosje door tot vermoeidheid toeslaat.

Er gaat niets boven een tijdreis in vrije val, die alle kanten opschiet, toekomst, verleden, heden en alles wat er mee samenhangt aanraakt, daar ligt liefde aan ten grondslag en diepe genegenheid tot in de eeuwigheid..

 

Uncategorized

Het licht staat op groen

Terwijl gisteren het Zuiderpark groen en paars kleurde maar code rood liet horen, doken de achterblijvers, ongeveer de helft van het personeel van de scholen onder het bestuur van Trinamiek, de verdieping binnen het onderwijs in aan de hand van klinkende namen als Mark Mieras, Het Filiaal, Theatermakergroep en Kunst Centraal. Er werd een samenwerkingsverband voor drie jaar gesmeed om Kunst en Cultuur te borgen.

Waarom de hersenen willen bouwen op cultuur om cognitief te kunnen denken, werd helder uiteengezet door Mark Mieras.  Verwachting en verrassing leiden tot betekenis vertelde hij ons, maar daarvoor moeten we eerst heldenmoed vertonen door het niet te durven, het niet te durven weten en het te durven laten gebeuren. Een mooie heldere roep om het proces en de nieuwsgierigheid volop ruimte te geven om de Ventrale Nervus Vagus groen licht te geven.

Daarna waren er workshops door Kunst Centraal geregeld. Mijn lieve oude en nieuwe collega’s die naadloos bij elkaar pasten, mengden zich en we werden meegenomen in de verrijking van datgene waar leerlingen, maar ook de leerkrachten, zo door opbloeien. Ik ging samen met mijn nieuwe duo naar Little People, die gegeven werd door Anton Klein. De kracht der verbeelding. In een uur werd een totaal nieuwe wereld ontsloten. Ze ligt voor het oprapen en is om ons heen, als je je ogen er voor opent. Door de kracht te gebruiken van piepkleine mensen, zittend, staand of lopend, krijgen de kleinste  dingen betekenis. Servetten worden een vulkanisch gebergte, theelepeltjes worden duizelingwekkende glijbanen, koffiemelkcups wordt een directe doodsbedreiging als een zo’n kleine erin valt.We hadden tien minuten de tijd om met smartphone en drie poppetjes de realiteit naar ons hand te zetten en hebben daarmee stof voor jaren opgedaan om mee aan de slag te gaan. Ik wil weer een oud fototoestel in de groep, waarmee de kinderen aan de slag kunnen en the little people zelf. Iemand opperde legopoppetjes, maar het vervreemdende effect is er juist doordat ze op de foto echte kleine mensjes lijken. Lego blijft Lego.

Aan de hand van de foto’s kan je daarna weer een speurtocht doen door het gebouw heen. Waar zijn de foto’s gemaakt. wat ziet eruit als een vulkaan, waar staat die Eiffeltoren met die twee nietige mensjes eronder. De titel van de foto is minstens zo belangrijk en geeft er nog meer betekenis aan. Dit is ervaren, dit is verrast worden, dit is onderwijs zoals Mark Mieras het voor ogen heeft, waarbij elke vezel geprikkeld wordt. Een en al betrokkenheid, omdat datgene wat aangeboden wordt van het begin tot het einde boeit. Dat hele creatieve proces dient de taal, het ruimtelijk denken door vanuit wisselend perspectief te kijken, het prikkelt de fantasie, het levert stof op voor verhalen en het verruimt op alle fronten je blik door de waarneming in een ander licht te zetten.

De middag was gevuld met Het filiaal en haar Theatermakers met een uiteenzetting van Monique , artistiek leider, van de geleide chaos, waaruit zo’n voorstelling geboren wordt. De research die het vergt, maar ook de betekenis die er aan verleend wordt, door iedereen die daar aan meewerkt. Een script maak je met elkaar. Daarna prachtige stukjes uit hun voorstellingen. Vijf ontroerende wonderschone liedjes uit ‘Toen mijn vader een struik werd’ naar het gelijknamige boek van Joke van Leeuwen en daarna een klinkende afsluiting met leerkrachten uit het scholenbestand van Trinamiek, waaronder mijn dochter met haar eerste optreden in het openbaar.

Dit is mijn laatste jaar. Hoe rijk ben je als je het stokje door kan geven aan je eigen dochter en dat zij als nieuwbakken cultuurcoördinator net zo bevlogen zal zijn als ik, omdat we weten dat kunst en cultuur de verhalen brengt zodra die Ventrale Nervus Vagus vrij spel krijgt. Open de poorten, ga los en laat de serotonine stromen. Het licht staat op groen.

Uncategorized

Een doekje voor het bloeden

Ik heb net met een koelkast van formaat lopen zeulen. Iedereen was bezwaard en wilde niet meesjouwen. Het was een tijdelijke woning waar we met z’n allen bivakkeerden. Omdat er zo verschrikkelijk gezucht en gesteund werd, wierp ik me op en nam het voortouw in de positieve benadering van het probleem. Toen ik hem samen met zoonlief vast had bleek het gevaarte zo licht als een veertje en kon ik hem zelfs alleen naar boven dragen terwijl de aanwezige spierballen verdwaasd toekeken. Heerlijk Dromen duiden,. Geen probleem is zo groot of je kunt het tackelen, omdat het draait om je eigen ontvankelijkheid voor een positieve oplossing.

Vlak daarvoor waren er bij poes Pluis ineens zeven katten naar binnen geslopen en daar had ik bijvoorbeeld weer veel meer moeite mee. Die kon ik op geen enkele wijze eruit jagen. Iemand in de goegemeente draaide er de hand niet voor om en Pluis zat veilig op het balkon en de zeven gasten waren zo verjaagd. Ook een slimme manier. Ik weet waarom ik over Pluis en problemen droom. Als er iemand op de poes moet passen is ze niet de meest vriendelijke voor anderen. ‘Bijt nooit de hand die je voedt’, zei men vroeger. Pluis trekt zich er weinig van aan als ze iets in haar bakje wil. Rang, daar hangt ze in been of arm.

De dromen wisselden elkaar in hoog tempo af. Het is de nasluimer van de watten van gister. Ik heb de wekker ook al drie keer verzet en ben qua tijd op het scherp van de snede aan het schrijven. Straks is er een dag van het bestuur met een workshop, toneel en een heerlijke lunch. Hun manier om ons te bedanken op de dag van de leraar. Die ze nu net jammer genoeg ook uitgekozen hebben voor de staking. Mijn zus merkte op dat het weer zich aangepast heeft aan de nood van deze stakingsdaad. Het is Code Rood en iedereen weet dat het zo niet langer kan. Voor mij draait het allang niet meer om het geld, maar om het feit dat het onmogelijk wordt gemaakt om kwaliteit van onderwijs te leveren als er nog steeds te veel kinderen in een groep worden gestopt, waardoor het voor de leerkracht de hele dag bikkelen is om individuele aandacht te geven. Waar haal je de tijd vandaan.

foto van Marijke van der Linden.Foto: Marijke van der Linden.

Terug naar die positieve benadering. Laten we er een feest van maken. Een bewustwordingsfeest. Eindelijk zijn zij en wij met elkaar ontvankelijk voor de roep van de veldwerker. Het is wel lastig dat er nog steeds een demissionair kabinet is. Misschien moet de politiek ook eens flink op de schop net als de verouderde logge onderwijsorganisatie, dat zou pas zoden aan de dijk zetten. Als we met elkaar weten, dat het zo niet meer kan, dat het anders moet en er ruimte komt voor vernieuwing op alle fronten zijn we op de goede weg. Laten we met elkaar toch vooral 21ste eeuws gaan denken en gebruik maken van de versnelde ontwikkelingen in tijd en ruimte. Het heeft alles te maken met vertrouwen in de mens en het geloof in kwaliteiten van elkaar.

Zelfs die koelkast, de zware molensteen om ons nek van tegenwoordig, kan zo licht worden als een veertje, als er weer ruimte komt voor de ondersteuning bij de ontwikkeling van een kind zelf, zonder dat het dichtgetimmerd moet worden met strakke organisaties en een toetsing die alle tijd opslokt. Tijd en ruimte zijn de factoren waar het om draait om straks niet met z’n allen in de lappenmand te belanden. Dat geld is loon naar werken, maar op de manier waarop alles nu geregeld is, is het nooit genoeg. Als mensen in dit tempo hun  liefde voor het vak verliezen is het de hoogste tijd om te zoeken naar de daadwerkelijke oorzaken en is het geld slechts een doekje voor het bloeden.